Vrienden van nu en van toen.

  • Vrienden van nu en van toen.
    --------
    Vandaag ben ik:
    [neutraal]
    -------


































    Link: Redheads
















    -------
    Reisverslag- Turkije,
    van Hans van der Ham






    -------
    Stewart

    Ik las in 'Gelukkig met Vrienden", van Janke Greving, over: oude vrienden opzoeken, via het internet.
    Zo zocht ik daarnet even naar Stewart en ik ben bang dat ik zijn bericht van overlijden gevonden heb. Ik hoop van niet. Maar ik lees:10 september, 1992. Leeftijd 50 jaar. Opgegroeid in de Riverina, het gebied ten zuiden van Sydney. Die gegevens zouden kloppen.
    Ik heb ook gezocht naar een plaatje om hier bij te zetten en dat wil ook niet lukken.
    - Je hebt soms van die dagen. - Ik heb duizenden foto's. Een paar honderd dia's. Veel negatieven. 8 mm films die ik niet meer bekijken kan. Ik WEET dat hij op mijn films staat en ik kan foto's voor me halen die ik van hem heb.

    Deze vriendschap begon, in het jaar dat ik terug kwam naar Sydney, uit Bourke. Ik mocht terug naar Sydney en werd overgeplaatst naar een school die ik (bijna) zelf mocht kiezen. Want ik begon een cursus. Het werd: Art Teachers Conversion Course genoemd. Het doel was om van basisschool leerkrachten kunstleraars te maken.
    4 avonden per week. 4 weken in de grote vakantie. Vier jaren lang was die cursus. Ik heb het niet afgemaakt.


    Stewart kon veel beter schilderen dan ik. Hij nodigde me een keer uit voor koffie. Hij woonde in een flat, dicht bij Coogee Beach. In de jaren 1969-1971, stapte ik nogal eens in mijn volkswagentje, als Sydney op Zaterdagmiddag of Zondagmiddag weer helemaal doodstil was en maakte dan een ritje langs mijn favoriete stranden. En dan belde ik nogal eens bij hem aan.
    Hij deed dan de deur open met zo'n elegante zwaai van de arm. Ik kreeg dan koffie in een beker die een beetje naar afwasmiddel rook.

    We zaten dan graag te praten en te roddelen over ons werk. Want hij stond natuurlijk ook voor de klas op een basisschool. Niet ver van mij vandaan, in Maroubra Junction.
    Aan zijn muren hingen zijn schilderijen. De grootste waren van naakte mannen. Gebaseerd op de tekeningen die wij moesten maken voor de cursus. Die mannen lagen dan allemaal over elkaar heen. Dat waren dus combinaties van de verschillende tekeningen van individuele 'models', in onze 'live drawing classes'.

    Alles was bij Stewart heel netjes. er was zelfs een net potje, in het toilet, voor de poes. Sommige mensen die 'gay' zijn doen net alsof zij het niet zijn. Sommige doen juist overdreven dramatisch. Stewart was daar tussen in. Natuurlijk deed hij aan toneel. Natuurlijk maakte hij veel gebaren met zijn handen als hij iets vertelde. En natuurlijk had hij een manier van zich uitspreiden op de bank. Hij droeg zeer kleurrijke shirts (bloezen) die hij zelf ontworpen en gemaakt had. Op zijn balkonnetje, hingen, op die zaterdag of zondagen meestal zijn onderbroeken te drogen.
    Wat zijn manier van schilderen betrof, werd het vaak (ook door hijzelf) gezegd dat ze te 'chocolate-boxie' waren. Dat wil zeggen. TE realistisch. 3D. Maar hij had duidelijk talent.

    In 1971 had ik genoeg van die cursus. Veel te veel uren om dan uiteindelijk op de middelbare scholen kunstles te geven, in -toen - veel gevallen aan kinderen die het onderwerp kozen omdat andere vakken te moeilijk waren.
    Ik had het ook veel te veel naar mijn zin op de basisschool waar ik toen werkte. En concentreerde me dus liever op promotie, in het basissysteem. En dat lukte.
    Stewart maakte de cursus af. Werd overgeplaatst naar het Tamworth District, als Art Advisor en later las ik ergens in een krant dat hij werkte als set designer, voor DE bekendste theaters in Sydney.

    Misschien heb ik de verkeerde. Maar ik lees (vrij-vertaald):
    Zijn kleder, Stewart Xxxxxxx, zoals altijd, was een vaste burcht. "Door hem bleef ik gezond van geest gedurende het gehele seizoen (van de show: Les Miserables, in het Theatre Royal, van Sydney). Ik ben hem heel erg dankbaar," zegt -de zeer bekende Australische acteur-, die een tekening van zichzelf als Javert, gedaan door Stewart met trots aan zijn muur heeft hangen.

    En....de enigste andere gegevens die ik vind, via Google, betreffen het overlijden van een man van de juiste leeftijd, uit de steden waar mijn vriend vandaan kwam, in 1992. Geeft een beetje triest gevoel, dat ik hem nooit meer ontmoet heb.





    ++++++++

    Bob



    Mijn vriendschap met Bob Reed, werd over geschreven in het boek van Janke Greving: "Gelukkig met Vrienden". Dus genoeg al over hem verteld. Hieronder wat plaatjes van Bob.











    Bob en backpacker, Stef, uit Nederland.





    Hannie, Netty, Flint St.


    ---------
    Beverly, Potter's Dans Studio



    Eind jaren 50, begin jaren 60 was ik veel in de dans studio, van Bob Potter. Dit was stijldansen, oftewel ballroom dancing.
    Er waren klassen op zaterdagmorgen en donderdagmiddag voor kinderen. Maandag en Donderdag avond voor volwassenen. Privé lessen bijna 7 dagen per week.
    Toen ik daar voor het eerst naar toe ging was de populariteit van stijldansen wel al verminderd. Bob en zijn vrouw Dot vertelde mij graag hoe, in vroegere jaren de rij voor de deur, op die avonden verschrikkelijk lang was geweest.



    Dot begon mij al snel voor te stellen aan kennissen als haar 'derde zoon'. Bob Potter was mijn vriend. Maar hij was meer van de generatie van mijn ouders. De kinderen waren Robert, Douglas en Lynette. Ook Douglas was mijn vriend. Ik zat dus een beetje tussen de twee generaties in.



    Met Bob, de vader, ging ik veel naar kleine zaaltjes in verschillende locaties, in Sydney en hielp daar met dansles geven. Na enige tijd was het vaak zo, dat hij er geen zin in had of het niet de moeite waard vond, en mij alleen stuurde.
    Ik heb vaak gedacht dat ik erg veel van hem geleerd heb dat later heel handig was in het onderwijs.


    Er was een routine in de danslessen. Eerst wat z.g., progressive dansen (in een kring en van partner naar partner). Dan wat eenvoudige stapjes leren in de jazz waltz (Engelse wals), of the Rhythm dance (voor 4/4 muziek) of een slow foxtrot of quickstep. Een beetje eenvoudige rock 'n roll en dan eindigen, weer in een kring, met de Can-Can Polka of de March o' the Mods of Progressive Rhythm dansen. Dat was erg levendig en de 'klanten' gingen dan altijd weg in een zeer goede stemming.



    In de klassen in de studio was ik een soort 'instructor', of hulp. Ik had dus 'vrij toegang' omdat ik hielp met, om de beurt met vrouwen / meisjes dansen en hun zodoende te helpen met leren dansen.
    Ook was ik de 'reserve partner', voor meisjes / jonge dames die geen partner hadden. (Vaak hadden zij een 'boyfriend' die niets van stijldansen wilden weten.) Deze meisjes namen dus privé les van Bob en van Dot en dan danste ik met deze partners in 'Beginners Competities'. ( Chris was b.v., één van die partners.) (Zij bracht op een keer een vriendin mee: Beverly, ut Engeland. Ik was gelijk verliefd :D )

    Ik had veel lol als wij drieen, Douglas, Frank en ik, in zo'n kring dansten, (progressive barndance, enz..) en er dus al die meisjes van partners veranderden. Dat was een tijd van tiener zijn en een beetje gek doen. een beetje 'indruk' maken op de meisjes. Frank was een heel rustige jongen.


    Hij was al snel verliefd op Julie. Hun enige kans, eerst, om bij elkaar te zijn was in de dans studio, in Maroubra Junction. Maar deze foto nam ik van haar, op Maroubra Beach.
    Douglas was veel meer extrovert.



    Ik had jaren-lang niet meer gedanst. Maar wilde 3 jaar geleden weer eens naar dansen gaan omdat ik e 20kg die ik kwaijt was, er af wou houden. Ik zocht naar de naam Potter, in het telefoonboek. Ik wist dat Bob al een lange tijd overleden was. Ik vond de studio van Douglas en stapte er naar toe. Voor de klas begon zat ik even te wachten en Douglas liep rond. Hij stelde zich aan me voor. Hij zei: Hello. People call me Uncle Doug. Ik knikte. De les begon. Er werden wat stappen uitgelegd en toen moesten we dansen. Hij liep langs mij heen. Zag mij dansen. Keek me aan en HERKENDE me. :D Omhelsde me en vertelde wie het maar horen wilde wie ik was en hoe wij elkaar al die jaren geleden zo goed gekend hadden.



    Douglas en Sue Potter gaven les in een studio, in West Ryde. (Later was er brand.) De studio van zijn vader, Bob, was in Maroubra Junction. Daar reed ik een paar dagen geleden nog eens door heen en ik zag dat nu eindelijk dat oude gebouw vernieuwd wordt. Gelukkig had ik er een poos geleden nog een foto van gemaakt. Ik hoop dat zij de vóórgevel behouden. Dat is iets van vóór wij daar in 1956, in de buurt kwamen wonen, maar voor mij heeft het ook heel veel goede herinneringen.



    -----------

    Deze Web-log ben ik begonnen, als mijn persoonlijke aanvulling bij het boek van Janke Greving: Gelukkig met Vrienden. Dus de eerste vrienden waar ik hier over schreef waren / zijn de jongens / mannen met wie ik door de jaren heen vriendschappen heb gevormd. Hoe ver de realaties met de meisjes / vrouwen die ik gekend heb vriendschappen of liefdes geweest zijn is moeilijker. In het bewuste boek is al uitgelegd dat ik nu heel goede vrienden ben met mijn ex.
    Ook, denk ik, dat de jonge dame, in deze foto, hierboven en hier onder, mij als een aardige vriend beschouwde. Ook al was zij het eerste meisje die ooit met mij 'uit-ging'. Mijn 'first date' en dat was naar de schooldans.



    Door de jaren heen was ik, geloof ik, een soort 'the boy next-door'. Iemand die er altijd wel was om een poosje mee te kletsen; te dansen; naar ten-pin bowling gaan. Ik ben met haar naar een lezing geweest. ook naar een van de Sydney Film festivals. Naar een uitvoering van Porgy & Bess.
    Zij kwam met mij mee naar het bal dat gehouden werd, in Wollongong waar ik in de eerste klassen had gezeten van de toen nieuwe kweekschool en dit was het 'Graduation Bal'.
    Boven Wollongong, in de heuvels hangen heel vaak dichte wolken / mist op de weg. Wat een avontuur!! die nacht om terug naar Sydney te komen, voetje voor voetje in het volkswagentje dat ik van mijn vader had geleend.
    Toen ik haar eindelijk veilig terug bracht bij haar moeder, vroeg deze dame waarom we niet in een motel waren blijven slapen. Dat klinkt misschien nu niet vreemd. Maar, in 1963, schrok ik daar van.
    Een paar jaar later kwam zij met mij mee naar zo'n grote dansavond (bal) dat gehouden werd in dat oude, beroemde gebouw, de Trocadero. (Is er nu al lang niet meer. Staan een aantal bioscopen.) Het was een dansavond, georganiseerd door de Teachers Federation.



    In 1967 belde ik, zoals gewoonlijk aan, bij haar ouders, gedurende de schoolvakantie. Ik was dat jaar naar Maude via Hay gestuurd. Kwam naar Sydney voor de vakantie. Die zelfde moeder deed de deur open en haar nieuws was dat haar dochter in Zuid Afrika was, met de redacteur van één van de twee grootste kranten van Sydney, ontvoerd.
    Uren, dagen,maanden, jaren verliepen en ik werd gebeld. Ze was gescheiden. Ja hoor. Ik ging weer bij haar op visite. Had nu een leuk dochtertje, van ongeveer 9. Net zoals voorheen, ging ik weer met haar om. Zij kwam naar één van de dansavonden van de Federatie van Nederlandse Verenigingen, het jaarlijkse Oranje Bal, in Bankstown.
    Het volgende jaar was mijn vriendschap met een collega gegroeid en ZIJ kwam naar dat bal met me. .....en The rest is history.....zegt men op z'n engels.
    ----------
    Eer-verleden jaar was er een reunie van Maroubra Bay High School. Het was 40 jaar sinds de eerste studenten van die toen nieuwe school afgestudeerd waren. Dit was dus 38 jaar sinds die foto die hierboven staat genomen was. Het meisje, links, naast mijn vriend Terry, kwam mij op die avond zeggen dat zij met mijn vriendin (Haar zogenaamde nicht) de avond daarvoor over mij gesproken had en dat ik de groeten moest hebben. :)

    P.S.. In een weekblad, dat bij die krant hoorde, was deze foto afgedrukt. Deze vriendin werkte toen voor de uitgever. Het bleek dus dat dit niet gewoon zo maar een foto was geweest om de maat van kerstkaarten te illustreren. Maar waarschijnlijk was die kaart werkelijk aan haar gegeven, niet lang vóór de schaking.[/center]

    -------

    Lol maken - Vrolijk zijn.


    Carla en Karin - De nieuwe Alpenzusjes,
    ken ik via het internet.
    In Nederland niet ontmoet omdat zij te ver weg woonden.
    In Australië niet ontmoet omdat zij naar Melbourne gingen.




    Carla en Karin - De Alpenzusjes


Toch Vrienden

  • Uitleg
    Janke Greving schreef een boek: Gelukkig met Vrienden.

    Zij gebruikte, onder meer, het één en ander uit de informatie die ik haar doorgaf betreffende mijn vriendschappen, nu ik alleen de zorg heb, hier in Sydney voor mijn vader (88).
    Zij schreef over mijn vrienden, gevonden via het internet.
    Natuurlijk as het niet de bedoeling dat zij over al mijn vriendschappen schreef.
    Daarom wil ik via deze weblog dit onderwerp een beetje aanvullen.
    Groeten uit Sydney.

Laatste berichten

Laatste reacties

september 2009

ma di wo do vr za zo
  1 2 3 4 5 6
7 8 9 10 11 12 13
14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27
28 29 30        
Neem inhoud van deze site over (XML)
web-log.nl, powered by TypePad

Daar zit ik, naast Tony(?) den Uyl. Haar broer, Niek was 3 jaar ouders dan ik. Wij waren behoorlijk goede vrienden. Ik herinner me hoe er een gat in de muur was, tussen onze huizen, onder de trap, in de kast. Dus, met een touwtje en twee busjes, hadden wij een huis telefoon.
Ik mocht nogal eens ook bij de buren slapen. (Ik neem aan dat dit mijn ouders de kans gaf om uit te gaan. Er is een fotootje van Niek en mij bij het 'kikkerbad'. Ik mocht een paar keer mee in de vrachtwagen van zijn vader, Niek Sr., naar de bloemenveiling. Dat was iets bijzonders. Echt in een auto zitten en dan de veiling bij te wonen.
Ik was in juni 2005 in Gouda en kocht met mijn dochter bloemen, dichtbij het station. Ik vroeg de bloemist of hij van de vader van Niek en Tony gehoord had. Ik vond het fijn dat, jawel, hij had van die bekende Goudse bloemist gehoord.

28 juli 2009

Oude vrienden kwamen naar mijn expositie/verjaardag.

Het was 8 oktober. Het was 2008. Het was mijn verjaardag en ik opende mijn eerste expositie. 62 schilderijen.
Bij de gasten behoorden Hans Tiller en Terry Turner en er is een leuke foto gemaakt door mijn zoon of dochter van wij drie oude vrienden, gezellig in gesprek, met glas in hand.
Hans en ik kwamen naar Sydney als kinderen van immigranten. Ik in 1956. Hans in 1957 en we kwamen in het zelde 'hostel' (kamp/opvang centrum/vorig leger onderdak) terecht en op de zelfde middelbare school.
Terry was mijn beste vriend, op die school. Terry was mijn echte "Australische" vriend.
Het was pas toen zijn moeder, enige jaren geleden (pas) in een bejaarden tehuis terecht kwam, dat zij (eindelijk) aan hem uitlegde dat zijn vader (ook) en immigrant geweest was uit een van de landen in centraal Europa!!
Mijn expositie:


U mag meezingen met: Lang zal hij leven! (Ik!!!!! hoor de stem van Hans er boven uit.)

15 november 2006

geselecteerd als gefixeerd bericht

Myrl en Alan, sinds 1967.
Hier onder, wil ik vertellen over vrienden die ik ken en gekend heb. Het valt mij op dat de eersten waar ik aan dacht mannen zijn. Toch heb ik niet gelogen, in het boek van Janke Greving (Gelukkig met Vrienden.)

Dit hoorde bijMijn 'dagboek: Hier In Sydney

(Dat, jammer genoeg, niet heelhuids is overgekomen, met de verhuizing. Ik lucht mijn hart nu, in joopmul bij punt nl.)
---000---


Om zo maar eens ergens te beginnen. In 1967 werd ik als onderwijzer naar een z.g. One-Teacher School gestuurd, 9 uur rijden, in mijn kevertje van Sydney vandaan. Halfweg tussen Sydney en Adelaide en dan nog 51 km, langs een zandweg van de stad,Hay,vandaan.
Mocht U daar nog nooit geweest zijn, denk dan aan de plaatjes die U misschien gezien heeft van het landschap op de maan.
Er was daar niets! Ik had 22 leerlingen tussen de leeftijd 6 en 15. er was geen stroom. Er was geen water. Electriciteit van machinetjes en water, uit de regentonnen, ALS! het geregend had.
Het commentaar van mijn moeder was toen: "Hoe kunnen zij nu een jongen 'vers uit Nederland', daar naar toe sturen." (Ik was dan toen wel al 12 jaar in Australië. Maar ze had natuurlijk wel gelijk, dat ik helemaal niet gewend was om met de bewoners van dat gedeelte van Nieuw Zuid Wales om te gaan. Ik was water uit kranen gewend. En knopjes waar je licht mee aan kon zetten.
De 'inspecteur', had de directeur van de basisschool gevraagd zich te ontfermen over de jonge leerkrachten die rond hem heen naar dat soort gehuchtjes gestuurd waren.
Zo leerde ik dus Myrl en Alan kennen en zo was ik verleden week weer even bij hun op visite, nu in Newcastle, 38 jaar later.
En onze vriendschap begonnen eind januari, 1967, is nog steeds zo fijn en zo sterk.

Alan was in 1967 ongeveer 40. Myrl 37. Ik was 24. Hun kinderen waren 11 en 9. En het werd routine dat ik op Vrijdag de school precies op tijd verliet en zo hard mogelijk naar de stad reed.
Je mocht daar toen nog zo hard rijden tussen dat gehuchtje en de stad, als je kon. Maar de weg moest regelmatig weer glad gemaakt worden en zodoende waren er bijna altijd z.g., side-tracks van side-tracks oftewel omweggentjes langs de stofweg, door de velden.
Meestal kwam ik dan, dik onder de stof, net op tijd, de bank binnen rennen om mijn 'pay-cheque', te incasseren.
Dan avond eten bij Myrl en Alan en dan gingen zij samen uit en paste ik op de kinderen tot zij weer thuis kwamen en ik het donker weer inging. 51 k.m., met niets om me heen.
Voor mij waren deze twee lieve mensen een uitkomst gedurende 1967 en deze nachtmerrie. Terwijl zij, geloof ik, nog nooit eerder echt een immigrant zo goed gekend hadden.

Een paar jaren later werd hun zoon ernstig ziek. Hij was 14 maar kreupel, alsof hij 90 was. Specialisten in een ziekenhuis, hier in Sydney hebben toen met nieuwe medicijnen geëxperimenteerd en hem weer gezond gemaakt.Myrl en Alan voelden zich nooit op hun gemak in Sydney, waar zij toch wel een paar jaar gewoond hadden, toen zij pas getrouwd waren. Ik kon hun 'terug-betalen' door hun zoon veel te bezoeken en op weekeinden op te halen uit het ziekenhuis, toen dat eenmaal toegestaan werd.

Verleden week was ik even bij Myrl en Alan en wij zaten achterbuiten, in de zon, met uitzicht over huizen en tuinen van Newcastle, richting het strand van Merewether.
Het is al eens meer gezegd dat, als zij misschien hier om de hoek woonden het niet zo zou zijn. Maar zo eens in de ongeveer 10 maanden dat ik weer een reden heb om naar Newcastle te rijden, vind ik het heerlijk om bij deze vrienden op visite te gaan. Zij hebben er een handje van om alles 'speciaal' te maken.

----------- 1 augustus, 2006: Alan is enige weken geleden, overleden. Hier heb ik over verteld, in mijn log, joopmul, bij punt nl.

17 april 2006

Mijn 'andere moeder'.

Vandaag moest ik mijn dochter even brengen naar Kensington. Nee. Niet in Engeland maar 'onze' Kensington. Terwijl zij daar bezig was reed ik even naar Kingsford en belde aan bij Dot Potter. Wat was dat eventjes fijn en wat had ik dat eventjes hard nodig. Ik heb in mijn Toch Vrienden web-log uitgelegd hoe ik op een Zaterdagochtend met een (Australisch) vriendje naar de Dans Studio van Bob Potter ben gegaan, in ongeveer 1960. Hij ging nooit meer. Maar ik had het daar naar m'n zin en het was zo leuk dat ik op het laatst ook zo veel keer bij Dot en Bob Potter thuis was, dat Dot me vaak voorstelde aan mensen als haar 'derde zoon'. Wat was dat leuk vanmiddag! De zelfde leeftijd als mijn ouders en nog zo helemaal zelfstandig. Zo lief en zo verstandig. In de foto hier-boven geeft zij duidelijk les aan deze jongen in de 'Pride of Erin' en ik zal deze foto genomen hebben, ook begin jaren 60. Toen ik m'n eigen zwart-witte foto's afdrukte.

Een jaar of zo geleden was ik nog even in Maroubra Junction. Op de achtergrond het gebouw waar vroeger de dans studio was. Na dat Bob Potter al heel veel jaren geleden overleden was aan een hart infarct, in Melbourne (Daar voor een stijldans competitie.), heeft de oudste zoon Robert Potter daar nog dansles gegeven en daarna ook nog de jongste zoon, Douglas.

Douglas is daarna, met zijn vrouw, Sue, een studio begonnen, in West Ryde. Nu steekt er, ineens, een heel groot, flatgebouw bovenuit, waar wij vroeger dansten. De voorkant van het gebouw, beneden, is behouden.

Nu alweer minsten 3 jaar geleden, nadat ik 20 kg kwijt was (Maar al lang weer gevonden.) heb ik de studio van Douglas en Sue opgezocht en ging daar weer een poosje naar de klassen.

Er was een brand. Maar nu vertelde Dot me dat zij weer terug zijn in die studio. Toen ik weer naar die dans-klassen ging heb ik deze web-pagina's gemaakt voor Sue en Doug Potter.

20 augustus 2005

Een-soort-zusje-vriendin.

Een jong gezin kreeg, in 1954(?), in Gouda, een flat toegewezen en mijn ouders wilden daar best wonen. Zodoende ruilden zij hun woning voor die flat en leerden die twee gezinnetjes elkaar kennen. Allebei de gezinnetjes bestonden uit twee ouders en één kind en zo komt het dat dit meisje en ik in die eerste foto samen muziek maakten. Zij zingen. Ik spelen. ("Altijd is Kortjakje ziek, zal het wel geweest zijn, denk ik.)
De vaders gingen samen naar een inlichtingen avond. Het ging over hoe de zon altijd scheen in Australië en hoe er goud lag op de straat, of zoiets. Er woonde familie van familie in Applecross, bij Perth en daar zouden we naar toe gaan, was het plan.
Ondertussen gingen de twee gezinnetjes vaak samen uit. Op de brommers naar Den Haag en ook met z'n zessen, op vakantie. Daarom heb ik het rokje en jakje van het meisje aan.

Dat is dan ook wel de enigste keer van mijn leven dat ik zo gekleed ben gegaan.
In april, 1956, vaarden we met de Johan van Oldenbarnevelt, door de Middelandse Zee, via het Suez Kanaal, en door de Indische Oceaan, naar Freemantle, bij Perth waar er geen werk was, voor onze ouders en zo kwamen wij, uiteindelijk, via verschillende kampen, oftewel migrant hostels, weer bij elkaar terecht in zo'n hostel in Matraville, in het zuiden van Sydney.
Op het schip deelde het meisje en ik een cabine. Ik sliep boven. Zij beneden. Zo hoort het! Onze ouders hadden geruild met een echtpaar dat terugkeerde naar Australië. Onze ouders deelden zodoende een kajuit(?) en het meisje en ik die van ons met de man en vrouw die terug naar Nederland waren geweest, op vakantie. Via verschillende kampen, oftewel migrant hostels, kwamen de twee gezinnetjes terecht in Matraville. Eerst nog in het 'hostel' daar en daarna deelden wij een oud huis.
Verleden jaar was zij op visite, uit Nederland en wij zijn naar het parkje gegaan waar in 1956 dat monument, oftewel kanon stond. We probeerden een foto te nemen op die zelfde plek. Het parkje is er nog. Het kanon niet meer en ook kwam de foto niet duidelijk uit. Jammer! Toen onze ouders alle vier hard moesten werken om hun nieuwe leven op te bouwen, in Sydney, had ik het gevoel alsof ik wat verantwoordelijk was voor dit jongere soort 'zusje'. Of dat in werkelijkheid zo was zal wel een grote vraag zijn. Wat ik mij vooral herinner van die jaren is dat zij gelukkig een kinderziekte kreeg en dat daarom de ouders besloten een t.v. te kopen. Dat vooral eens per week we allemaal er voor gingen zitten om naar I Love Lucy te kijken. (Ik heb vaak gezegd dat onze moeders een beetje een zelfde soort relatie hadden als 'Lucy' en 'Ethel'. Haar moeder durfde nogal wat. Had lol in ergens op uit te gaan en mijn moeder, ongeveer 15 jaar ouder, deed altijd wel mee.) 'sMorgens, voor school keken zij en ik naar 'Crusader Rabbit' en ook naar 'The Mouseketeers'. Wat een invloed op ons leven! Zij zat op de basischool, een paar straten verderop. Ik zat op de middelbare school, behoorlijk ver weg. Tegen onze ouders spraken wij Nederlands. Tegen elkaar, in dezelfde conversatie, Engels. Haar ouders misten Nederland. Zij gingen terug. Maar na enige tijd kwamen zij toch weer (met hebben en houwen, is geloof ik de uitdrukking) terug naar ons huisje in het zuiden van Sydney. Zij was toen behoorlijk veranderd. Was geen klein meisje meer.
Het huisje werd verkocht en de twee gezinnetjes gingen naast elkaar wonen, in spiksplinternieuwe flats. Zij deed aan allerlei leuke dingen mee. Was niet zo erg tevreden met haar middelbare school. Had een goede vriendin en ging met haar toch maar weer ens kijken, als oudere tieners, hoe het in Nederland was.
Toen zij niet snel genoeg terug kwam, gingen haar ouders achter haar aan en ze zijn in Nederland gebleven. Ik logeerde in 1997 bij hun. We zijn een dagje uit geweest in Den Haag. Merkte dat er toch nog steeds een klein beetje dat broertje-zusje gevoel was. Hebben ons een aap gelachen om de smakelijke verhalen van haar moeder.
In 2004 was zij op vakantie, hier in Sydney. Kwam weer met die vriendin waarmee zij in 1967 'eventjes' was gaan kijken hoe het in Nederland was. Ik heb haar op mijn 'nostalgia tour' genomen. Dat was ik mijn ritje langs de kust gaan noemen dat ik zo veel gedaan heb met visite uit Nederland en elders. Langs waar wij vroeger gewoond hebben; waar we naar het strand gingen; waar we op school zaten, enz.. Het verschil was deze keer dat ik met de persoon was die meegemaakt had waar ik anders steeds over vertelde.
Natuurlijk stopten we in dat parkje, tegenover waar vroeger de eerste Australische kennissen woonden, en waar vroeger dat kanon stond. We bezochten haar basisschool en de overbuurvrouw van vroeger. Dat was een grote verrassing voor die vrouw en erg leuk voor ons.
Twee maanden geleden was ik weer in Nederland, bij haar moeder. Zij was niet 100% na een vakantie reisje in Egypte. we hebben wel gezellig met z'n drieën gegeten. ( Haar vader is overleden. Mijn moeder ook. Mij vader was hier in Sydney.) Dus drie uit de zes nog even bij elkaar.
Terwijl zij naar haar werk was heb ik een paar keer haar flat bezocht, om haar computer te gebruiken en via het internet te vertellen over mijn belevenissen. Ik heb fijn wat drop gepikt, uit haar keuken.

17 augustus 2005

Vriendinnen

Heintje zong:

"Eens ben je meer dan mijn vriendinnetje
Eenmaal kies ik jou als mijn bruid
Koop dan voor jou een kasteel
Waar ik alles met je deel
Eenmaal komt ook voor ons het sprookje uit"....

Hieronder heb ik verteld over de vriendschappen, met vrienden, terwijl in het boek van Janke Greving het juist uitgelegd wordt hoeveel ik in mijn leven met vrouwen te maken gehad heb, vooral omdat ik, als onderwijzer, 37 jaar veel meer met vrouwelijke collega's te maken had dan met mannen.
Het valt mij trouwens op dat behalve de vriendschap met Rick, ik weinig met andere onderwijzers echt vrienden geweest ben, terwijl ik een onderwijzeres trouwde.

Om weer aan het begin te beginnen, een vriendinnetje, om de hoek, in de Walvisstraat, was Diny, een beetje een vriendin, maar verliefd in de klas was ik op Annelies en later op Ria (Die met ons naar de boot kwam om afscheid te nemen.)

Twee vriendinnetjes waren zusjes Imme en Karin, die ik 'sochtends ophaalde, aan het einde van onze straat (singel) en waar ik mee naar school liep. Vaak arm-in-arm met Karin.

Op de middag voor mijn terugkeer naar Sydney, aan het einde van mijn vakantie in Gouda, in 1997, liep ik naar de plek waar vroeger de woon-ark lag, waar Imme en Karin in woonden, aan de dijk en ging daar op een bankje zitten. Er kwam een meisje een praatje maken en tegen mij opscheppen dat zij OOK naar Australië had gevlogen (want zij had eens in een vliegtuig gezeten).

In mijn gedachten was ik in een scène, van een film, (zoals Rainman). Je weet wel. Je ziet eerst een man van mijn leeftijd (Toen 54.) op zo'n bank zitten en met een kind met blond haar praten en dan ben je 44 jaar terug en ziet een jongetje van 9 of 10 het pad oplopen naar de ark, om zijn vriendinnetjes op te halen.

Toen ik dit, terug in Sydney mijn collega's vertelde, moesten ze lachen en zeiden dat ik blij moest zijn dat de politie er niet bij gehaald was omdat ik daar met dat kind zat te praten en naar het water en de koeien te kijken.

En Vader Abraham zong:
"Die ene herinnering, die zal ik bewaren
't Is een moment heel diep in m'n hart
Die ene herinnering die blijft al die jaren
't Is een geheim hier diep in m'n hart'

De vriendschap met Imme en Karin was geloof ik al over toen ik een keer voorbij liep en zij aan het touwtje-springen was met vriendinnetjes en zij zongen:
"Imme. Heb jij je Jopie lief?

Ik had met die twee het gevoel dat ik ze moest beschermen. er kwam een keer, onderweg naar huis, een zigeuner jongetje op ons af en wilde vechten. Gelukkig kwam er net een politieagent op een fiets aan rijden en het gevaar was voorbij. Één van de eerste korte verhaaltjes die ik op de kweekschool probeerde te schrijven was hoe ik een keer met Imme tegen een sterke wind inliep waar we amper tegenop konden.

Ik wist dat zij van hogere stand waren dan wij. Want ik mocht een keer in de ark eten en dat deden zij met vork en MES! Er stond Ir op het naambordje, aan de voordeur.

14 augustus 2005

Mijn Engelse vrienden.

In the boek: Gelukkig met Vrienden van Janke Greving, wordt uitgelegd dat ik in een situatie 'zit' (letterlijk) die me hier aan de computer vastbindt.
Eerst werd de Alzheimers van mijn moeder steeds erger en daarna ook de gezondheidstoestand van mijn vader. En, zonder dat ik het merkte, kwam ik hier terecht, in wat ik nu vaak mijn 'nursing station' noem. Ik vul de uren tussen de tijden van de dag dat ik de medicijnen van mijn vader verzorgen moet. Stop hem dan in een tehuis, zegt men. Hij gebruikt jou te veel,zegt men. Ja! Makkelijk zeggen. Maar het doen, is wat anders!

Mijn virtuele vriendschap met Dorothy (Dot), uit Engeland begon al vóór ik hier kwam te zitten. Ik stond nog voor de klas. Zat 's nachts veel te lang aan het internet. (En mijn leerlingen WISTEN al wanneer ik weer eens niet lang genoeg geslapen had. )  Zo vond ik nu bijna 9 jaren geleden, op een nacht Dorothy. Ook een onderwijzer(es). Ook voor haar was het internet nieuw en zij was op een Nederlandse website terecht gekomen waar je pen (e-mail-)vrienden kon zoeken. Zij spreekt of schrijft helemaal geen Nederlands. Ik heb al jaren geleden eens onze e-mail afgedrukt en aangezien wij regelmatig eens per week (op het weekeinde) elkaar vertelden wat er allemaal weer op school en thuis gebeurd was, had ik werkelijk genoeg pagina's voor een behoorlijk dik boek. Dus dat zouden ondertussen wel 3 boeken kunnen zijn. We hadden eigenlijk alleen "school"  gemeen. Ik ging wat eerder met pensioen. Daarna Dot en daarna Ian, haar man (geen onderwijzer). Dot en Ian hadden ook al snel hun eigen website: "The River Thames and Boaty Things". Nu: "Floating down the River" Gedurende onze jaren van e-mail-correspondentie zijn hun dochters verloofd en getrouwd. Toen zij eenmaal allebei gepensioneerd waren, staken zij het Noordzee Kanaal over en voeren door de waterwegen van Frankrijk. Dorothy zorgde er eerst voor dat haar kennis van de Franse taal wat beter was. Het jaar daarna, staken zij weer het Kanaal over en vaarden via België door Nederland, tot bovenin, in Friesland. Dat vonden zij zo'n mooie tocht, dat zij het een jaar later weer overdeden. Vooral de eerste keer, leefde ik vol spanning met hun mee en, waar ik kon, gaf ik wat advies over betekenissen van woorden enz.. Niet dat zij dat zo nodig hadden. Het leuke was dat ik, via email, mijn nicht en haar man, in Gouda, kon vragen, per e-mail of zij Dorothy en Ian wilden ontmoeten. Dat hebben zij gedaan en ook nog een rondleiding door mijn geboortestad gegeven. Ook leuk was, dat, ondertussen mijn dochter in Parijs een baantje gevonden had en zodoende best wel af en toe eens naar Nederland kon. Zo is mijn dochter, met de trein naar Friesland gegaan en heeft daar een dagje bij Dot en Ian op Harts Content gezeten. Ook hebben zij door de stad gewandeld, waar het mijn dochter opviel hoeveel keer de naam Postma (De meisjesnaam van mijn moeder) op deuren aangegeven stond.  In juni, j.l., hebben Dot en Ian mij opgewacht bij Waterloo Statation, waar ik met de eurostar kwam en zij hebben met mijn rond de Thames gewandeld en ja, we hebben in de trein gezeten (De Underground). Dus maar een paar weken voor de ontploffingen. De volgende dag heb ik OOK op de achterbank van Harts Content gezeten, net zoals mijn dochter toen in Friesland. Maar deze keer was het op de Thames, in de omgeving van waar de Harts wonen (Tilehurst/Reading). Wat een fijne dag. Wat een aardig, rustig stel, die twee. Wat een 'team'. Onder bruggen door en door sluizen heen; aanleggen. Alles deden zij samen, zonder veel te hoeven te zeggen. Er was chardonnay, er waren lekkere dingen te eten. Het was prachtig weer. En ik voelde me als Prins Joop, op hun boot. Na 9 jaren met elkaar wekelijks, schriftelijk, lief en leed te delen waren we eindelijk vanaf maandagmiddag, tot woensdagmorgen bij elkaar. In juli, 1997, nam ik een busreis, door engeland, Wales, Ierland en Schotland. In het hotel, aan het begin van die tocht werd ik toen gebeld door Dorothy. Haar commentaar was toen: Ja. Je hebt dus toch werkelijk een Australisch accent. Ze legde uit hoe ik zou kunnen zien wanneer de bus voorbij haar omgeving zou rijden. Jammer genoeg was de reisgids niet erg behulpsaam, zo gedurende de eerste twee uren van de reis, vanuit Londen. Deze keer was het dus heel anders. Heel fijn!! Mijn dochter had het al gezegd en zij had gelijk Dot en Ian lijken veel op onze buren. Ik was voorbereid. Wat zou het fijn zijn als ZIJ nu eens naar Sydney kwamen. Wat zou het fijn zijn, als ik dan een boot huurde en Ian aan het stuur kon zetten op de Hawkesbury River. Ik weet zeker dat ook zij zouden genieten!
----------------
( 22 oktober, 2005 - Dorothy heeft mij laten weten dat Ian overleden is. Een week of twee na mijn bezoek, werd er kanker gevonden.)

7 augustus 2005

Hans

Ik ken Hans, sinds 1957. Met zijn ouders en twee zusjes kwam hij naar hetzelfde hostel en naar de zelfde school (South Sydney Boys Junior High / Maroubra Bay High School), als ik.

Vanuit het hostel (kamp) gingen wij in het begin samen naar school. er was een tijd dat wij naar een tram liepen. (1km ongeveer). Dan, in Kingsford, overstapten op een bus. Soms was het te laat voor die verbinding en liepen we Avoca Street op. Dat was een paar kilometer, naar school. Dat was dus een zo'n situatie waarin je loop te kletsen over het leven enz.. Wij waren toen dus 13. Later konden we een schoolbus nemen die bestemd was voor een katholieke school (Marists Brothers) om de hoek van de straat van onze school. Dus wij tweeën in grijze korte broek en bloes en een stropdas die groen was met gele strepen, tussen al die andere jongens in HUN schooluniform.

Op school gingen Hans en ik met anderen vrienden om. Namen andere onderwerpen. Alleen in Frans zaten we in de zelfde klas. En vonden het leuk dat we de leraar, later, in Maroubra Bay High School konden vertellen dat wij allebei Alleen Op De Wereld (Sans Famille, van Hector Malot) gelezen hadden toen wij jonger en in Nederland waren.
Trouwens, toen wij eenmaal overgeplaatst waren naar Maroubra Bay High School, zaten Hans en ik graag, naast elkaar op de eerste banken, dichts bij de open deur van het lokaal. Want nu waren er meisjes, op deze school en, als wij zo'n Franse les hadden van een dubbele periode dan konden we kijken naar de 'passing parade van studenten die in de gang naar een andere les liepen.
Of Mr Fredericks het merkte, betwijfel ik. Hij had de gewoonte om zijn lunch te gaan halen in het hotel, op de hoek, tegenover het strand. En als hij dan terug kwam, 'smiddags, had hij vaak de steun van de muur van de gang nodig.
Maar hij was een aardige man, die trouwens ook in het bestuur van de bond van de leerkrachten zat en zodoende mijn vrienden (Arthur en zijn eerste vrouw) ook weer kende. (Kleine wereld!!)
Mijn ouders en de ouders van Hans waren goede vrienden. Na het hostel woonden wij niet zo gek ver van elkaar vandaan. (Dicht bij waar Arthur ook toen woonde.) Daarna verder van de kust vandaan. Maar toch bleven onze ouders elkaar jarenlang regelmatig bezoeken.
En zo zijn Hans en ik ook gedurende al die jaren wel in contact gebleven.
Maar ja. De tijd gaat zo snel. Laatste keer dat ik hem zag was toen mijn moeder, verleden jaar is overleden.
Ik ben van plan om morgen zijn moeder te bezoeken in het ziekenhuis.

(Op de foto hierboven: Jeffrey, Julie, Hans en Marele. Voor zo ver ik weet, was het de vader van Julie, die er voor gezorgd heeft dat ik het werk kreeg dat ik wilde en het was Marele, die ook onderwijzeres geworden is, maar daarna goed bekend werd als schrijfster van detective verhalen - en: Lammeren Gods

6 augustus 2005

Jeffrey

In 1957 en 1958 was mijn middelbare school: South Sydney Boys Junior High, in Randwick. Dat waren de jaren dat ik vers in Australië was en mijn Engels nog aan het leren. Jeffrey herinner ik me, als een goedige, kalme jongen. Niet iemand die Rugby League zou gaan spelen of kattenkwaad uithalen.
Ik ben één keer bij hem thuis op visite geweest, bij zijn ouders, in hun flat aan Bondi Beach. Daar hoorde ik zijn vader hem helemaal niet Jeffrey noemen, maar Moses.
Veel van de jongens op onze school waren Joods. Er werd nogal over gesproken dat een paar van de andere jongens (Net zoals ik nu...) een andere achternaam hadden dan waar zij mee geboren waren. Dat was gekomen door de tweede wereldoorlog. Dus, als pubers hadden we nog wel eens discussies over of men nu wel of niet trots op een Joodse achternaam kon zijn (....of trouwens op een niet-Engelse naam).
Net zoals er veel immigranten uit Nederland rond Dee Why, en Blacktown en Sutherland zijn gaan wonen. Zo is het altijd bekend geweest dat er in en nabij Bondi veel Joodse mensen woonden (wonen) en veel Nieuw Zeelanders.
Een andere Joodse jongen, uit onze klas, woonde ook in een flat, om de hoek van waar Jeffrey woonde. Deze Roland was toen een goochelaar en hypnotiseur (Dus op 13 / 14 jarige leeftijd.) Ik ben ook één keer bij Roland thuis geweest.
Hij zou me genezen van mijn nagelbijten. Ik moest gaan zitten. Ogen dicht en naar zijn stem luisteren. En hij begon: You are perfectly relaxed. You are lying in a hammock........... En daarom is het niet gelukt. Mijn engels was nog niet goed genoeg om te weten dat dat een hangmat was.
Ik bleef dus nagelbijten. Een paar maanden geleden had ik eindelijk weer een paar maanden nagels. Maar daar zorgde mijn tandarts voor. Ik had even tijdelijke boventanden. Die waren broos. Kon een korte poos op niets hards bijten. Jammer genoeg, nu weer wel.

Mijn allerbeste schoolvriend was altijd Terry. Maar contact was verloren gegaan tot zijn moeder en de moeder van Jeffrey in een tehuis terecht gekomen waren, in Vaucluse. (Een 'rijke buurt', bij de ingang van de haven van Sydney.) Jeffrey en Terry kwamen elkaar tegen. Allebei niet naar de rëunie geweest. Maar Jeffrey had er over gehoord en hoe ik daar zo mee bezig was geweest, met website, foto's, DVDs enz.. Zo vond Terry mij dus weer.

Jammer dat Jeffrey niet naar de reunie is gekomen...... (Op de foto 'danst' hij met Monica, op mijn verjaardag. Toen al het instinct van een schoolmeester, moesten mijn gasten spelletjes spelen. Dat doen jonge mensen van die leeftijd, tegenwoordig niet meer.)

4 augustus 2005

Rick

In september, 1967 werd ik overgeplaatst naar Bourke. Dus, van 7,5 uur rijden ten zuidwesten van Sydney vandaan, naar 9 uur rijden ten noordwesten van Sydney vandaan.
Met vier andere collega's deelde ik een huis. Ik kwam gedurende het schooljaar daar dus aan en kwam zodoende op de veranda terecht. Twee kasten achter mijn bed voor een beetje privacy.
Er was toen in die stad, in het verre noordwesten van Nieuw Zuid Wales een z.g., Intermediate High School.
De twee scholen stonden in twee verschillende gedeelten van de stad. Maar waren zogenaamd één school. De directeur van de middelbare school was dus, in naam alleen, het hoofd van allebei de scholen. De directeur van de basisschool stond dan op de tweede rang. Maar hij was in feite gewoon het hoofd van de lagere school, waar ik een 6de klas had.
Rick werkte op de middelbare school. Na jou. Wanneer hij moest. . Net zoals ik, was hij veel te ver van Sydney vandaan en daar niet blij mee. Hij had er nogal een handje van om zich in een provisiekamertje, tussen lessen, te verstoppen een dutje te doen.
Er werden twee huizen gebruikt als onderdak voor de (jonge)mannen die les gaven op de twee gedeelten van die school en één zo'n huis voor de (jonge)dames.
In het andere huis waar de mannen waren, hingen er netjes lijsten aan de muur en het was er heel erg netjes. Iedereen had zijn taak en wist wat hij moest doen.
Bij ons was dat anders. Er waren een paar stoelen, tafels en kasten. Af en toe werd de oudste van het spul (Bruce) het weer zat en werd er even opgeruimd. Dan ging de slang (heus) even door het huis en werd er schoon gespoten. De deuren gingen nooit op slot en er werd nog wel eens door kwajongens ingebroken.
Van de vijf jongemannen in ons huis, konden Rick en ik het 't beste met elkaar vinden. Hij was de eerste die me begroette, toen ik duidelijk helemaal 'shell-shocked' daar de eerste keer binnen kwam. Ik moest veel lachen om zijn manier van doen, - van leven.
U moet begrijpen dat de volgende dichtstbijzijnde stad, Nyngan, 70 minuten rijden, ( richting Sydney ) lag. Van de jonge dames die toen in Bourke woonden leerde Rick veel kennen. Wij wisten dat, als hij weer zijn bandrecorder aan had staan en Harry Belefonte aan het zingen was, dat zijn slaapkamerdeur niet open mocht.
Ik vond het best goed dat ik reed en hij sliep als we met de vakanties terug naar Sydney mochten. (15:30 uur de auto in, 24:00uur de auto uit, thuis, in Sydney, na hem naar zijn verloofde te hebben gebracht, ten noorden van de brug, waar zij hem opwachtte, met een fles champagne.)

Maar, zij kwam op een keer naar Bourke. Zag hoe hij leefde en het was uit. Rick vond een lieve vrouw. Zij was onderwijzeres op de katholieke school in Bourke. Ik vond ook een vriendin, een collega, die ook op de basisschool les gaf, in de z.g., Infants Department.

En zo kwam het dat Rick veel meer bij deze vrouw was en ik bij mijn vriendin. Zij woonden in hetzelfde pension en wij waren de eerste die te horen kregen dat Rick en zijn nieuwe vriendin verloofd waren. Ze zijn nog steeds getrouwd. Trots op hun twee dochters en hun (Ierse) schoonzonen en hun kleinkinderen.

Mijn vriendin van die tijd en ik zijn niet met elkaar getrouwd.

Er werd veel 500 gespeeld (Kaartspel), voor een lange tijd met de Deputy-mayor, van de stad. een oudere man, die duidelijk veel plezier had in het gezelschap van wij jonge mensen. Het was daar dat ik voor het eerst de gewoonte kreeg van wijn drinken en kaart spelen.

Omdat Bourke zo verschrikkelijk heet was gedurende twee-derde van het schooljaar en erg koud gedurende de andere derde, was er weinig anders te doen dan kaarten en naar het zwembad gaan, na school.

Wij speelden tennis in een informele competitie, tegen de andere jongelui die ook tijdelijk in Bourke waren. (Werkten in de banken, e.d..)

Wij deden mee aan een toneel avond. Rick en ik in een 'Melodrama'. Ik was de blonde 'held'. Hij was de donkere 'schurk'. Ik kwam de heldin redden en stuurde hem de 'cold, cold snow' in. (Op de avond dat we dit ten toneel brachten, buiten, in de speelplaats van de middelbare school was het behoorlijk heet.)

We deden mee aan een 'walkathon'. (Geld bij elkaar brengen voor de school.) Je sponsors hadden geld beloofd voor iedere 'mijl' die je liep. Ik wandelde 15 MIJL de stad uit en 10 mijl terug. Liet me de laatste 5 terug rijden. Het was GLOEIEND heet die dag en nergens schaduw. Ik had een t-shirt aan. (Wist ik veel!) Waarmee een groot gedeelte van mijn schouders bloot was. Ik had minstens een half jaar donkerbruine schouders.

Om de zo veel tijd ga ik weer bij Rick en zijn vrouw op visite. Ik was aanwezig toen zijn tweede kind geboren werd. Dat wil zeggen Rick en ik pasten op de oudste terwijl zijn vrouw al naar het ziekenhuis was. Ik was ook aanwezig toen deze tweede (Zie foto) gedoopt werd.

Rick en zijn vrouw kwamen naar mijn huisje, halverwege tussen Sydney en Brisbane, toen ik daar nog geen stroom had. (Foto) En die tweede dochter vierde daar haar achtste verjaardag. Een paar jaar geleden was ik aanwezig bij haar 21ste verjaardag (foto).

Rick en zijn vrouw waren gasten toen ik trouwde. Net zoals Alan en Myrl, is onze vriendschap gebaseerd vooral op de nostalgie. Als we elkaar weer zien wordt er altijd weer gesproken over die slechte.... (nou ja, die gekke) oude tijd.

1 augustus 2005

Piet


Toen wij uit Amsterdam vertrokken, in april, 1956, kwamen Piet, die een aantal jaren mijn beste vriend geweest was en een vriendin mee, in het busje om afscheid te nemen.
Wij gingen een boottocht maken van ongeveer 6 weken, naar de andere kant van de wereld waar wij heel weinig van af wisten.
Mijn moeder en Gerda van Hoorn hielden zich goed bij het afscheid nemen. Ze waren o.ké., met het zwaaien vanaf het dek. TOT.....zij zagen dat Pietje zijn arm voor zijn gezicht hield. Toen kwamen de tranen. Mijn moeder zei later dat dat kwam omdat zij toen dacht aan het feit dat zij verantwoordelijk was voor het feit dat wij vrienden elkaar niet meer zouden zien.
Piet en ik (aan mijn rechter-hand, in dit fotootje, genomen door Mr Berretty, onze onderwijzer) waren vriendjes geweest op school. Dat was iets dat ook misschien te maken had met het feit dat onze ouders oud-AJCers waren, die elkaar, in ieder geval, gekend hadden en zeker de zelfde soort ideeën hadden.
Als ik wat minder aardig over mezelf wil schrijven dan leken wij misschien wel een klein beetje op mini-versies van 'Dik en Dun', Laurel en Hardy.
Omdat Piet mijn vriend was ging ik ook maar naar de gymnastiekvereniging. Maar ik was daar niet op gebouwd. Ik moest steeds opgetild worden om bij die ringen te komen. En geholpen worden om over dingen heen te springen. Piet was veel leniger. En hij was zo vrolijk en zo vriendelijk.
Ik 1969 was ik met mijn ouders in Nederland. Twee jaar later was ik er alleen.
Ik heb Piet en zijn vrouw opgezocht. Ik heb met hun kinderen in de sneeuw gewandeld. Ik heb de fabriek van zijn vader bezocht en ook zijn winkel in de randstad.
Er ging iets fout en ik zal nooit precies te weten komen wat. Weer doet het me denken aan twee leuke, en beroemde mensen, mijn favoriet, Dean Martin en Jerry Lewis.
Er is een scene die vaak herhaalt wordt en op één van mijn DVD's staat, uit mijn Dean Martin verzameling.
Dean en Jerry waren bij elkaar gebracht, op een TV show, nadat zij elkaar jarenlang niet gesproken hadden. Toen zij elkaar omhelsden zei Jerry zoiets als: Waarom wij nu uit elkaar gegaan zijn zal ik nooit te weten komen en Dean zei zoiets als: Ik weet ook niet wat er fout ging.
Maar na deze hereniging zijn ze toch hun eigen weg gegaan.
Ik vond informatie, via het internet over de prestaties van een neefje van Piet. Ik stuurde, als gevolg, een email naar de broer van Piet en ontving via 'snail-mail', een uitgebreide brief van Piet met een aantal foto's. Ik was daar erg blij mee.

Jammer genoeg waren Piet en zijn vrouw weer op vakantie toen ik vorige maand in Nederland was.
Wie weet. Misschien ontmoet ik mijn allereerste, beste vriend ooit nog wel eens.

________________________________________
WAT LEUK, EEN REACTIE van de DOCHTER van PIET.
______________________________________________


Het is Zaterdagmorgen, 10 september, en de dochter van Piet heeft deze web-log gevonden. Wat leuk! Ja. Ik zie dat ik haar getekend heb. Was ik vergeten.
_____________

Terry (The Fonz)

Als U de 'musical' / film, 'Westside Story' gezien heeft, dan kunt U begrijpen hoe het hier was in de jaren 60. Hier waren het niet de Sharks tegen de Jets. Maar aan de kust, in het oosten, woonden de 'Surfies' en in het westen van de stad, de 'Rockers'.

De surfies brachten al hun tijd door aan en op het strand, en op hun surfboards, en gebruikten citroen-sap in hun haar om het blonder dan blond te maken. De rockers, droegen leren jassen en reden, als ze oud genoeg waren, op motoren.

Toen ik in 1957, na een paar maanden eventjes hier in de 6de klas gezeten te hebben, naar de middelbare school moest, werd ik naar South Sydney Boys Junior High gestuurd. Die school stond in Randwick, en was blijkbaar maar tijdelijk. In 1959 werden wij overgeplaatst naar de spik-splinter-nieuwe Maroubra Bay High School, aan Maroubra Bay en Beach.

Terry was al een goede vriend geworden toen we in Randwick naar school gingen, maar de vriendschap werd sterker in Maroubra. Hij woonde in de binnenstad, in de straat die de zelfde reputatie had als de Kalverstraat, in Amsterdam. Maar in zijn straat zat niemand voor het raam. ( Dat is niet helemaal waar. Straks hier nog wat meer over.)
Terry was, echt, heus, een Australische versie van The Fonze, ( van de TV Show Happy Days ). Trouwens, over TV gesproken, toen Maroubra Bay High School niet meer genoeg studenten trok, een aantal jaren geleden, werd het een poosje gebruikt voor de TV Serie: 'Heartbreak High'.

Toen wij, aan het begin van 1959, van de jongens school, uit Randwick, in 'Third Year', terecht kwamen, in Maroubra Bay, hadden we ook een nieuwe ervaring: Meisjes, in 'First Year'!
Behalve de nieuwe studenten in Year 1, zaten er natuurlijk alleen maar jongens in Jaren 2 tot 5. (leeftijden 12 tot 17 of 18.) Die meisjes van 12 en 13 werden omringt door jongens van 12 en 13 tot 17 en 18.

(20 jaar later was er een reunie. Eerst een diner en toen dansen. Die 'meisjes', nu 20 jaar ouder, werden omringt door 'jongens', nu 20 jaar ouder. Ik had even het gevoel dat niets veranderd was.

Terry begon een vriendschap met Mary. Mary gaf een verjaardagsfeestje. Wij werden uitgenodigd. Daar ontmoette ik haar vriendin, die zij 'nicht' noeme omdat hun ouders alle drie (Mary had geen vader.) gevlucht waren uit Hongarije, in 1955, vanwegen de revolutie.

Mijn ouders werden door Nederlandse schoolvriend van mij, gewaarschuwd dat Terry, te veel geld ergens mee verdiende. Iets dat niet helemaal klopte. Verleden jaar (2004), vertelde Terry mij zelf, dat het best waar was dat hij geld verdiende in die jaren met boodschappen doen voor de z.g. SP Bookies. (Sydney zat toen vol met illegale 'betting-shops'. Plaatsen waar men illegaal wedden kon op de paarden en de honden races. )

Hij vertelde me ook dat het voor hem twee soorten leven was. Onze school zat vol met jongens en meisjes die aan de kust woonden en hun tijd door brachten, op het strand, of met danslessen, muzieklessen, enz., enz.. Noem maar op. Terry woonde in een straat waar mannen rond liepen te snuffelen, om een uurtje of minder even bij een prostituée door te brengen, of ergens wat geld te verliezen aan de paarden, enz..

Hij vertelde (verleden jaar) ook dat het wel gebeurd was dat, als hij weer een poosje, na school, bij Mary was en dan haar moeder iets vroeger dan normaal thuis kwan, hij zo snel mogelijk door het achterraam van hun flat vluchtte. Dat het meer dan één keer gebeurd was dat Mary zijn schoenen achter hem aan gooide en hij die op zijn hoofd kreeg.

Ook bij mij thuis zijn en met ons mee gaan op een tocht, via Nederlandse kennissen in Canberra, naar Nederlandse kennissen, bij Melbourne in de buurt, was voor hem even heel anders leven dan in de binnenstad, in de z.g., slechte buurt.

Toen ik eenmaal naar de kweekschool ging, in 1963, in Wollongong, zagen wij natuurlijk steeds minder van elkaar. Hij kwam nog eens een keer of twee kijken hoe het daar was. (Tennis spelen naast één van de scholen bij voorbeeld.)

Terry was mijn echt 'Australische' vriend, en nu vertelde hij me pas een poosje geleden dat hij eindelijk uitgevonden heeft dat zijn vader uit een land in het oosten van Europa kwam. Dat het dus eigenlijk blijkt dat hij ZELF waarschijnlijk een kind was van een immigrant.

Nog even uitleggen dat uiteindelijk de moeder van Mary er werkelijk een punt achter gezet had. Dat hij dan ook een meisje leerde kennen die dicht bij zijn huis woonde en die hij zo heel vaak zag zitten achter haar raam, op de eerste verdieping. Niet, op de zelfde manier, als in de kalverstraat, maar toch hielp het waarschijnlijk wat aandacht voor dat huis te trekken omdat er een mooi jong meisje toevallig bij het raam zat.

Ik ben bij hun trouwerij aanwezig geweest. Toen ik jaren later weer eens belde was hij al met zijn huidige vrouw getrouwd. Ik geloof dat zijn tweede vrouw hem wat aan zijn eerste liefde doet denken.

Terry heeft mijn reis, in juni, goed bijgehouden via: http://jomulholland.whereareyou.net . Maar we hebben nog geen tijd / kans gehad om elkaar weer te ontmoeten.

Meer Terry foto's hier!

31 juli 2005

Arthur -squash, 500, Bodega en Blue Rhapsody.


Afgelopen week was Kris Kristofferson hier op de TV en ook op de radio waar hij spontaan zijn, waarschijnlijk, beroemdste liedje zong. Me and Bobby Magee. Als het kon, zou ik dat hier nu op de achtergrond spelen.
Ik leerde Arthur en zijn eerste vrouw kennen op een feestavondje, een 'party', dat gegeven werd door een collega, in 1969. Ik zei, vlak voor mijn vertrek, iets geks. Zoiets als: "Nou. Dan ga ik maar. Het lijkt er niet op dat er hier 500 (kaartspel) gespeeld zal worden."
"Dat spelen wij ook graag." zeiden zij. "Waar wonen jullie?"

Het bleek dat wij bijna om de hoek van elkaar woonden. Zo is het begonnen. Ik kocht een fles wijn en nam het mee naar Arthur en zijn vrouw. Dat was het begin. (Veel!!) wijn drinken. Squash spelen en kaarten. Het kaarten was meer een excuus om heerlijk (aangeschoten) te debateren over alles en nog wat. Vaak met z'n drieen. Maar meestal met z'n vijfen of zessen.

De routine was gedurende de jaren 70 dat Arthur en ik eerst squash speelden. Halfweg tussen hier en Balmain waar zij woonden. Dan kaarten. En maar drinken. Dat was voor dat er onderweg de politie zat te wachten met de z.g., Breath Testing Units. Rond 1 uur in de nacht zweefde mijn auto en ik dan door de stille straten van Sydney, naar huis. Zoiets zou nu nooit meer kunnen gebeuren.

Duizenden keren luisterden we naar Don McLean en Starry Starry Night (betreft Vincent van Gogh) en ik mocht altijd MIJN favoriete platen op zetten: Kris Kristofferson en Rita Coollidge. Op een avond kwam het zelfde hongerige poesje WEER om eten en drinken bedelen en met een heleboel wijn op, namen wij het bsluit dat ik het maar naar huis moest nemen. Ik heb het Bobby Magee genoemd.

We dronken Bodega. Dat was de goedkoopste wijn die er was. En ook Blue Rhapsody. Dat laatste was helemaal iets bijzonders. Het was werkelijk blauwe wijn. Het leek op kerosine en wij zeiden altijd dat het ook zo smaakte. We hadden kaarsen aanstaan. Er werd verschrikkelijk veel gerookt. (Ik niet.) Arthur en zijn vrouw woonden in een heerlijk artistiek oud huis, daar niet ver van de haven. Boven was haar atelier, want zij studeerde: schilderkunst. Maar er kwam, geloof ik, niet genoeg van schilderen.

Het is moeilijk te beschrijven hoe gezellig, exotisch, leuk, die jaren waren. Wij zijn een keer met z'n drieën in de auto gestapt en hebben de 'coast-road' genomen, naar Melbourne, waar de moeder van Arthur toen woonde. (U moet u nu weer zich kunnen verbeelden dat op de achtergrond Kris Kristofferson harder gaat zingen: "With those windshield wipers slappin' time, we sang up every song that driver knew.' Want dat was de sfeer. (Hier boven staat Arthur, naast zijn auto, in Melbourne, naast zijn moeder.)

Op een dag waren zij ineens verdwenen. Zij was er vandoor gegaan. Met een andere man. Het bleek dat de laatste jaar of twee, zonder dat ik het wist zij alleen voor mij bij elkaar kwamen om te kaarten en te drinken.

Ik bleef bevriend met Arthur. Hij vond een jonge vriendin. Zij kwam mee om ook met ons te kaarten en te drinken. Maar het was anders. Het liep weer fout. En daarna vond Arthur zijn huidige vrouw. Hij was 'Best Man' op mijn trouwerij. En verontschuldigde zich dat hij een andere vriend die hij nog langer gekend had gevraagd had dit voor zijn tweede huwelijk te doen.

Vlak na mijn echtscheiding, in 1992, belde hij me met het nieuws dat de dokter hem een half jaar te leven gaf. Vandaag, 31 juli, 2005 heb ik hem weer even gebeld. Want hij was eergisteren jarig.
Hij werkt al heel lang niet meer. ook omdat er veel minder van het soort werk verkrijgbaar is dat hij deed, in de drukkerij. Zijn jongste kind, een jongen, is 8 jaar oud en daar hebben hij en zijn vrouw hun handen aan vol.

De vriendschap was het sterkste tussen 1969 en 1981 (toen ik trouwde). Hij woont hier (naar Australische begrippen) geeneens zo gek ver vandaan. Maar we hebben elkaar nu al weer heel lang niet meer gezien. Toen ik hem vandaag belde, zei hij: Hallo(!?) Ik zei: Hallo. En hij zei:Ah! Jo!
Ja. Waarom zou hij mijn stem niet kennen?